Bezinning van de week

25 september 2022 – 26ste zondag jaar C

Lucas 16, 19 – 31: Rijke mensen gewezen op hun verantwoordelijkheid. 

Ze vernemen hoe het beter kan

Enkele weken voor zijn dood zei de gekende zwarte leider Martin Luther King:
“Als ik ooit zal sterven, hoop ik dat gij die dag kunt zeggen
dat ik heel mijn leven getracht heb de hongerigen te voeden en de naakten te kleden,
de gevangenen te bezoeken en allen te beminnen die een beroep op mij deden.
Er zal geen geld zijn dat ik kan nalaten.
Er zullen geen luxueuze aardse goederen zijn voor mijn erfgenamen.

Wat ik wil nalaten, is een toegewijd leven.
Als ik slechts iemand heb kunnen helpen in het voorbijgaan,
als ik maar iemand heb kunnen opbeuren met een vriendelijk woord of een hoopvol liedje,
als ik maar iemand heb kunnen aantonen dat hij de verkeerde weg opging,
dan heb ik niet tevergeefs geleefd, dan heb ik de wil van de Meester volbracht.”

SCHEPPINGSPERIODE
De kloof overbruggen
Het is erg dat ik het moet zeggen: ik raakte er aan gewend,
aan de beelden van oorlog, honger, mensen op de vlucht,
de rampen die nu al de dreigende toekomst tonen,
ontredderde gemeenschappen, stervende ecosystemen, verdwijnende soorten,
de Lazarussen die met zweren overdekt aan onze drempels liggen…
Ze raakten me niet echt aan.
Het waren beelden op mijn scherm,
miserie achter het beveiligd glas van mijn TV, laptop en smartphone.
En ik dacht dat ik er mee leven kon: de kleine groep allerrijksten alsmaar rijker,
de kloof met de allerarmsten steeds groter, en ik daar ergens tussenin.
Mijn eigen huis staat nog recht.
Ik kan mijn eigen kleine leventje nog verder leiden
en vrolijk meedoen met het grote consumptiefeest,
ook al eten we met zijn allen ‘de lammeren en de kalveren’ op,
de toekomst van de kudde, het voedsel van wie na ons komt.
Maar het klopte niet.
Ik voelde me droevig, onteigend, afgesneden van het leven, weggevoerd naar een dodenrijk.
Roep mij, God, telkens weer, met de woorden van profetische stemmen van vroeger en nu.
De woorden die je tot de rijke sprak:
“Er hoeft niemand uit de doden terug te keren om te vertellen wat je al weet.
De kloof, die we tijdens ons leven niet hebben overbrugd, zal ons eeuwig scheiden van elkaar.”
Maak dat ik niet moet zeggen: ‘Had ik maar geluisterd!’