Bezinning van de week

Ik weet niet of ik uw uitdaging wel aankan, God.
Gelukkig zijn er momenten waarop ik voel dat mijn inzet voor het evangelie
smaak en licht geeft aan mijn samenleven met anderen.
Maar er zijn ook momenten dat mijn christen-zijn smakeloos en krachteloos lijkt en dat ik me laat meesleuren in de maalstroom van oppervlakkigheid.
Schud me dan wakker, God, en laat me in het hart van medemensen
een vuurwerk van tederheid tevoorschijn toveren
in alle kleuren van de regenboog als een wonderlijk samenspel van licht en liefde. Amen.

Erwin Roosen

“Jullie zijn het zout van de aarde.”
Dat zegt Jezus niet tegen de wetgeleerden of Farizeeërs,
de burgemeester of grote bedrijfsleider.
Neen, Jezus zegt dat tegen de gewone mens in de straat die naar Hem komt luisteren,
de vissers en de boeren, de werkloze en de arme, de ongeletterde en de zondaar.
Hij zegt ook nog “Jullie zijn het licht van de wereld!”
Hij zegt het tegen de gewone mensen in de straat. Tegen de mensen zoals wij,
wanneer wij anderen niet voorbijlopen zonder boe of ba te zeggen.
Tegen gewone mensen die aandacht hebben voor hun buur die te oud geworden is
om de opgewaaide herfstbladeren bijeen te harken of de sneeuw te ruimen…
Tegen de gewone mensen die aandacht hebben voor een zieke buurman
en wat hulp durven aanbieden, vooral langer dan alleen maar de eerste week.
Tegen de gewone mens die aandacht heeft voor iemand die weduwe geworden is,
ook nog een jaar of twee jaar later.
Tegen de heren en dames in het verkeer die niet overal en altijd hun plaats opeisen.
Tegen de mensen die nog vriendelijk kunnen aanschuiven aan de kassa.
Zo moeilijk is het dus niet, want zie, “je doet het al!” bedoelt Jezus eigenlijk.
Zo’n lichtpuntje zijn, méér vraagt Jezus niet van ons.
Met al die kleine lichtpuntjes zijn we voor Hem het licht van de wereld.

naar de Preekploeg Sint-Anna Ter Drieën