Zondag 10 mei 2026
zesde paaszondag A
Eerste lezing: Handelingen 8,5-8. 14-17
Tweede lezing: 1Petrus 3,15-18
Evangelielezing: Johannes 14,15-21
Lieve mensen,
In de eerste lezing vandaag horen we over grote vreugde in Samaria: genezingen, mensen die luisteren en het Woord van God aannemen. Deze vreugde kunnen we vandaag in onze samenleving ook goed gebruiken. Er zijn veel mensen die de weg kwijt zijn, op zoek naar zin in het leven (in de dubbele betekenis). Durven wij vandaag geloven dat ook hier grote vreugde kan zijn over het Woord van God? Durven wij ook ‘de Messias prediken’ zoals Filippus deed? Prediken, dat klinkt zo streng en ouderwets, dat klinkt als met een catechismus en allerlei leerstellingen mensen rond de oren slaan. Dat klinkt als: ‘niet van deze tijd’0.
En toch: het evangelie van vandaag begint met Jezus’ woorden: Als je Mij lief hebt, houd je dan aan mijn geboden.’ Twee centrale elementen van ons geloof komen daar meteen op de voorgrond. De laatste zin van het evangelie van vandaag benoemt deze twee elementen nog eens: liefhebben, en Jezus’ geboden volgen. Ze hangen aan elkaar vast. De Liefde voor Jezus toont zich in de daden die men stelt. En wie de geboden van Jezus volgt, heeft Hem lief.
Geloven als christen is dus een kwestie van liefde en van daden. Het gaat niet enkel om overtuigingen. Dat hoorden we de voorbije weken meermaals in de evangeliën: Jezus als Weg, Jezus als deur, Jezus als herder. Telkens weer komt dat volgen, op weg zijn, terug. Christen-zijn is niet zozeer een kwestie van ‘geloven dat Jezus…’ , maar van ‘Jezus volgen’, ‘op weg gaan met Jezus’, ‘doen als Jezus’, en dat alles vanuit liefde voor Jezus.
Letten we er eens op hoe vaak die liefde en die nabijheid voorkomt in dit stukje evangelie van vandaag. Jezus begint met de woorden ‘Als je Mij liefhebt’. Maar die liefde van ons voor Jezus is er maar omdat Hij – en in Hem God onze Vader – ons eerst liefheeft. Jezus zegt dat de Vader ons een Helper zal geven die altijd bij ons zal zijn. De Geest van de waarheid blijft bij ons en zal in ons zijn. Vervolgens zegt Jezus dat Hij ons niet als wezen achterlaat, dat Hij bij ons terugkomt, dat wij Hem wel zullen zien ook al ziet de wereld Hem niet meer. Hij geeft ons de boodschap dat wij in Hem zijn en Hij in ons. Om af te sluiten met de woorden ‘Wie mij liefheeft zal de Liefde van mijn Vader en Mij ontvangen’.
Zoveel liefde, zoveel nabijheid! De schrik om alleen te blijven moet wel erg groot geweest zijn, dat Jezus zo zijn best doet om de mensen gerust te stellen. Is dat voor ons ook herkenbaar vandaag? Kunnen wij vandaag, in onze onrustige wereld en met een onzekere toekomst, telkens weer voor onszelf herhalendat we niet alleen zijn, dat Jezus in ons is, en wij in Jezus,dat de Geest altijd bij ons blijft, dat we Gods Liefde mogen ontvangen?
En als we dat voor onszelf kunnen herhalen, kunnen we dat dan ook voor anderen? Durven wij dan ‘de Messias prediken’ zoals Filippus deed? Durven wij spreken over, maar vooral handelen vanuit die Liefde van Jezus? Durven wij vertellen waarom we hoopvol zijn, zoals Petrus schrijft? En dit niet enkel vertellen, maar ook tonen in, zo schrijft Petrus, ‘een goede levenswandel in eenheid met Christus’?
Op deze manier ‘de Messias prediken’ is niet ouderwets en streng – en niet gemakkelijk! – maar wel ontzettend hard nodig vandaag. Als we dat doen, worden we overstelpt met Gods Liefde en nabijheid, zo lezen we. En dan zullen wij ook grote vreugde kennen, zoals in Samaria. Durven we dat geloven? Ik wens het u van harte toe.
Dorina Pagliaro
